Vijf jaar KiKa brengt ambitie steeds dichterbij

Vijf jaar geleden speelde Frits Hirschstein, oprichter van KiKa en hoofd marketing OxfamNovib, met de gedachte om een fonds voor kinderkanker op te zetten. Kika was verbazingwekkend snel een feit. ‘Tal van mensen waren en zijn bereid om onderzoek naar kinderkanker te ondersteunen. Onze ambitie dat kinderkanker in 2025 geen levensbedreigende ziekte meer is, gaan we zoals het er nu naar uitziet ook halen.’

“De groei van KiKa is verbazingwekkend snel gegaan. We bestaan nu vijf jaar en als ik zo terugkijk, dan is het compleet anders gegaan dan ik in het begin had gedacht. Ons streven was om zoveel mogelijk donateurs te werven om onderzoek naar kinderkanker te ondersteunen. Naast de vele donateurs die zich bij KiKa hebben aangesloten, bleek dat er heel veel bedrijven, particulieren en verenigingen zélf allerlei activiteiten gingen organiseren voor KiKa. Het merendeel van onze inkomsten komt van die initiatieven, dat is uniek in de goede doelensector. De afgelopen vijf jaar zijn er ruim 5000 activiteiten voor KiKa georganiseerd. De gekste dingen komen voorbij; het gaat van roeitochten naar Engeland tot snorren knippen in de receptie van het ROC in Haarlem.

Het is fantastisch dat we onze ambitie dat kinderkanker in 2025 geen levensbedreigende ziekte meer is zoals het er nu naar uitziet ook gaan halen. Kort geleden bracht ik een bezoek aan het Emma Kinderziekenhuis in Amsterdam en de vooruitzichten zijn positief. Een van de biologen vertelde mij dat we onze ambitie zelfs misschien nog wel voor 2025 gaan halen. Als je het daar een aantal jaren geleden had gevraagd, hadden ze steevast ‘nee’ gezegd. Maar door de resultaten van het eerste door KiKa gefinancierde onderzoek in het Emma, is de mening met 360 graden gedraaid.”

Overleven
”We zijn nu zover dat ruim 70 procent van de patiënten geneest en dat een kleine 30 procent van alle kinderen met kanker nog steeds aan deze ziekte sterft. Ik geloof dat ik nog mag meemaken dat we op de 100 procent komen. Aan de andere kant is genezen een, maar kwaliteit van behandeling is twee. Daarmee wil ik zeggen dat we de ziekte over een aantal jaren wel bij een nog grotere groep onder controle hebben, maar we zullen helaas ook blijven zien dat een aantal kinderen door agressieve chemokuren op latere leeftijd vaak nog allerlei klachten heeft. Soms is een kind niet per definitie beter en heeft de behandeling schade aangericht. Deze schade noemen we late effecten. Op dat terrein valt nog veel te winnen. We zullen de aankomende jaren meer horen van onderzoek dat zich richt op vermindering van bijwerkingen tijdens en na de behandeling zoals targeted therapy.

In tegenstelling tot wetenschappelijk onderzoek naar kanker bij volwassenen waren de middelen voor onderzoek naar kinderkanker vijf jaar geleden beperkt. Dat komt onder andere doordat kanker vaker voorkomt bij volwassen dan bij kinderen. De ziekte treft jaarlijks 90.000 volwassen en 500 kinderen. Mede door de ondersteuning van donateurs, vrijwilligers en zelfstandige initiatieven lopen er nu veel meer onderzoeken naar kinderkanker en gaan we de goede kant op. Het is geweldig dat we weten dat het zeer waarschijnlijk is dat we in 2025 tegen alle ouders kunnen zeggen dat hun kind kan overleven.

Tal van mensen zijn in Nederland opgestaan om onderzoek naar kinderkanker te ondersteunen. Wie had ooit gedacht dat we van een bedrag van 200.000 euro in het eerste jaar naar 5 miljoen euro in het vijfde jaar zouden groeien en dat we onze ambities gaan halen? Dat we dit jaar maar liefst 2000 activiteiten tellen die niet door ons, maar door allerlei anderen worden georganiseerd? KiKa is iedereen ontzettend dankbaar. Na vijf jaar blijkt dat iedereen wel wat met KiKa heeft en er iets mee wil doen. KiKa is van iedereen.”

Nieuwsbrief KiKa, nummer 5, 2007